Wetsvoorstel BIG II niet van deze tijd

Recent heeft de minister van Medische zaken (en meer) de Kamer bericht dat hij de uitvoeringsacties ten aanzien van wetsvoorstel BIG II uitstelt. De onrust die in de praktijk is ontstaan kan niet genegeerd worden. Dat is een goed bericht. Komt van uitstel ook afstel?
De bedoeling van de wet is om de positie van de regieverpleegkundige te reguleren. Het wetsvoorstel is tot stand gekomen na een langjarige wens van veldpartijen, tegen de achtergrond dat de zorg verandert en complexer wordt, aldus de minister in zijn brief aan de Kamer. Onduidelijk blijft waarom partijen het regievoeren bij wet geregeld willen hebben. Het is een voorstel dat niet past bij deze tijd.

Professionele macht of kracht?
Professionalisering strategieën van Van der Krogt uit de vorige eeuw hebben model gestaan voor ontwikkeling van macht door vele belangengroepen. Je eigen machtspositie versterken ten opzichte van de ander was het motto. De theorie was gebaseerd op klassieke professionaliseringservaringen van artsen en advocaten: vorm een groep, maak eigen regels, start een eigen statuut, een eigen blad, een eigen register. Zorg dat je kan lobbyen, doe dat ook veel in Den Haag en geef elkaar onderling posities. Wie door deze bril kijkt herkent de machtskoers in de ontwikkeling van Wetsvoorstel BIG II.

Inmiddels zijn er andere beelden ten aanzien professionaliseren. Verbinding en samenwerking zijn nu belangrijk, in de keten en via netwerken waarde ontwikkelen is het nieuwe adagium. Behulpzaam daarbij is de 3 R benadering: reputatie opbouwen door het goede goed te doen, relaties ontwikkelen om samen sterker te staan en duurzame ruilverhoudingen realiseren. Ruil, relatie en reputatie maken alle betrokkenen wederzijds van elkaar afhankelijk. Een denktrend die goed past bij de hedendaagse kanteling van de zorg en de transformatie naar de organisatie van lerende netwerken. Samen sterker is dan het motto.

Wie door deze 3R-bril naar de ontwikkeling van wetsvoorstel Big II kijkt ziet dat het niet goed kan komen: de reputatie van ervaren medewerkers wordt geschaad door typeringen die geen recht doen aan ervaring, bijscholing, vaardigheden en de outcome van deze zaken. Relaties worden op scherp gezet waardoor duurzame verbinding en samenwerking lastig wordt.

Nieuwe tijden
Als we werkelijk willen dat regie meer aandacht krijgt zodat samenwerking, verbinding, netwerkontwikkeling en zelforganisatie alsmede autonomie, wederkerigheid en zorg voor elkaar tot bloei kunnen kom, dan is een andere koers nodig. Regievoeren past goed bij het verpleegkundig vak en vraagt aanvullende scholing. Maar die scholing is van een andere orde dan de indelingen die nu gehanteerd worden in het wetsvoorstel BIG II.

In 1999 zijn we met een op Amerikaans model gestoeld concept van casemanagement gestart via een ontwikkelprogramma voor de zorg en de sociale zekerheid. De overlap met wat nu regieverpleegkunde wordt genoemd is groot. Onze leermeester was de Association voor casemanagement in de VS die een goed profiel voor de uitvoerders van casemanagement hadden ontwikkeld. Professionals met een zorg achtergrond zoals verpleegkundigen en verzorgenden bleken in hun onderzoek zeer geschikt voor dit vak. Naast werkervaring in de zorg bleek ook levenservaring heel belangrijk. De combinatie van levenservaring en werkervaring in de zorg vormden de krachtige basis voor het managen van de case dan wel het voeren van regie.

Het programma Casemanagement Zorg & Zekerheid richtte zich in 1999 op basis van die Amerikaanse kennis op mensen met levenservaring en tenminste 10 jaar werkervaring. In het opleidingsprogramma werd aandacht besteed aan processen (management en begeleiding), wetgeving, sociale innovatie en communicatieve vaardigheden als dialoog, reflecteren, feedback geven en ontvangen en persoonlijke ontwikkeling. Het oorspronkelijke vak van zorgmedewerkers met een door opleiding en verworven competenties HBO werk -en denkniveau werd op basis van beschikbare talenten en opleiding doorontwikkeld. Wat de vooropleiding ook was.

Kort na de start van het programma Casemanagement in 1999 werd ons gevraagd om een beroepsvereniging voor casemanagers te starten. Wij zijn daar nooit op in gegaan. Het gaat volgens ons namelijk niet om de casemanagers en hun plek (à la de machtsstrategie van Van der Krogt). Net zo min als het nu gaat over regie verpleegkundigen. Het moet gaan over de inhoud en de ontwikkeling van dat vakgebied. Daar waarde creëren is de uitdaging.

Regie of casemanagement
Dat er vandaag de dag behoefte aan regie of casemanagement ontstaat is logisch gezien de vele ontwikkelingen met meer mogelijkheden voor gepersonificeerde zorg, conflicterende wetten, technische mogelijkheden en een wir war aan financiering. Het is zaak om inhoud te gaan geven aan goede regie die overigens bij voorkeur weer zo snel mogelijk bij de burger zelf terug komt.

De WET Big regelt vakmatige handelingen met omschreven risico’s die beter bij wet geregeld kunnen worden. Dat is een kwaliteitsaspect waardoor burgers kunnen vertrouwen op professioneel handelen. Om daarnaast ook te gaan regelen wie regie mag voeren en wie niet is een niet bij deze tijd passende manier van professionaliseren. Het doorkruist ook andere uitvoeringsplannen van het eigen ministerie. Waar enerzijds druk wordt gewerkt aan het schrappen van zinloze regels, is het bijzonder om met een regel te komen die de werkvloer zinloos vindt. Daarbij ontneemt het een grote groep capabele, ervaren professionals een carrièreperspectief en plezier in het werk wat weer gevolgen heeft voor het werven van goede mensen die (nog) willen werken in de zorg.

Natuurlijk vraagt regievoeren scholing. Sterker, de veranderende zorg en toename van complexiteit vragen een ingrijpende cultuurverandering en regievoeren speelt daar een stevige rol. Hopelijk ontdekt de minister dat de ingezette weg met BIG II niet is wat deze tijd vraagt. Wat dan wel? De eerder verschenen adviezen over Zorgberoepeninnovatie (2015) en Innovatie van zorgopleidingen (2017) bieden daarvoor meer dan inspiratie.

Monique van Doorn
Verder door anders doen
1 augustus 2019

Terug naar overzicht

Geplaatst op 5 augustus 2019